WVV: dwingende bepalingen op 1 januari 2020


10 december 2019

Op 1 januari 2020 treden de dwingende bepalingen van het nieuwe Wetboek voor vennootschappen en verenigingen (WVV) in werking. Werd je vennootschap opgericht na 1 mei 2019, of heb je al eerder je statuten aangepast aan het WVV via een opt-in, slaap dan op je twee oren. Zo niet, maak er dan cito presto werk van.

 

Dwingende bepalingen

Op 1 januari 2020 gelden de dwingende bepalingen van het WVV. Een duidelijke opsomming van die bepalingen is nergens te vinden in de wet. Hier toch een paar belangrijke punten:

De statutaire bepalingen van je onderneming blijven gelden op voorwaarde dat ze niet in strijd zijn met de dwingede bepalingen van het WVV. Zijn de statuten van je onderneming nog niet aangepast? Weet dan dat de dwingende bepalingen van het WVV voorrang krijgen op je statuten, en dus toch van toepassing zijn.

 

Niet-dwingende bepalingen en overgangsperiode

Aanvullende bepalingen van het WVV gelden voor zover ze niet in tegenspraak zijn met bepalingen in de statuten. Bij elke wijziging of aanpassing van de statuten, en in elk geval vóór 1 januari 2024, zal de nieuwe WVV in haar geheel ingevoerd worden. Want vanaf 1 januari 2024 moeten alle vennootschappen en verenigingen beantwoorden aan de bepalingen van de nieuwe WVV.

 

Bijzondere regeling voor afgeschafte rechtsvormen

Wanneer de ‘oude’ rechtsvorm wordt afgeschaft blijven de statuten uitzonderlijk gelden voor zover ze niet in tegenspraak zijn met de dwingende bepalingen van de WVV, totdat de oude rechtsvorm omgevormd is tot bv.

 

Conclusie

Je ‘oude’ vennootschap - opgericht vóór 1 mei 2019, en niet aangepast via opt-in of waarvan de rechtsvorm afgeschaft is - wordt beheerd door een combinatie van de statuten volgens de oude regels en volgens de nieuwe regels, dwingend of niet, van de WVV voor zover er geen tegenspraak is. In dat geval zal de dwingende bepaling de overhand krijgen.

Gelieve de hoogte van uw browservenster te vergroten voor een betere website ervaring.