Successieplanning: de gesplitste aankoop doet het (voorlopig) nog


09 oktober 2020

De gesplitste aankoop van vastgoed is vandaag nog steeds een veelgebruikt instrument in het kader van successieplanning. De fiscus heeft die techniek in de loop der jaren meerdere keren onder de loep genomen. Waar moet u vandaag rekening mee houden?

Ouders kopen een tweede verblijf en betrekken er hun kinderen bij

En klassiek geval: ouders in België wensen een tweede verblijf aan te kopen en willen daar onmiddellijk hun kinderen bij betrekken door de gesplitste aankoop van het goed.

Blote eigendom voor de kinderen, vruchtgebruik voor de ouders

De ouders behouden als vruchtgebruiker het recht om het goed te gebruiken of om de eventuele huurinkomsten te innen. Daarnaast geeft het hun ook een zekere controle over het tweede verblijf. Bij het overlijden van de (laatste) vruchtgebruiker zal het vruchtgebruik uitdoven en worden de blote eigenaars automatisch volle eigenaars.

Fiscaal interessant? Ja, maar de wetgever vermoedt toch een bevoordeling

In principe geeft die uitdoving van het vruchtgebruik geen aanleiding tot erfbelasting, maar de wetgever vermoedt in die situatie toch een bevoordeling. Er is namelijk een wettelijk vermoeden dat de kinderen bij het overlijden van de ouders begunstigd werden met de volle eigendom van de gesplitst aangekochte goederen. Daardoor lopen ze dus het risico om op de waarde van de volle eigendom toch erfbelasting te moeten betalen.

Hoe weerleg je dat wettelijk vermoeden?

De kinderen moeten daartoe kunnen aantonen dat er geen sprake is van een bedekte bevoordeling. Het tegenbewijs moet volgende elementen bevatten:

Voorafgaande schenking van de ouders dient niet geregistreerd te worden

In de praktijk beschikken de kinderen vaak niet over eigen financiële middelen om de blote eigendom aan te kopen. Daarom helpen de ouders hen vaak financieel via een schenking. In het verleden was er discussie over de vraag of de voorafgaande schenking van de ouders al dan niet geregistreerd diende te worden. Op 12 juni 2018 heeft de Raad van State beslist dat voorafgaande schenking van de ouders niet moeten geregistreerd worden.

Daarbij mag de risicotermijn van drie jaar niet uit het oog verloren worden. Overlijdt de schenker binnen die termijn, dan zijn de kinderen alsnog erfbelasting verschuldigd op de waarde van de roerende schenking, tenzij er toch nog geregistreerd zou geweest zijn.

Het Vlaamse Gewest wil de risicotermijn verlengen

Volgens het voorontwerp van Vlaams decreet zou deze risicotermijn in het Vlaams gewest verlengd worden tot vier jaar voor schenkingen die gebeuren na 1/7/2021. Dit is echter onder voorbehoud, gezien de tekst nog in het Vlaams parlement moet goedgekeurd worden.

 

Deze publicatie heeft een louter informatief karakter en verbindt geenszins. Zij houdt geen rekening met persoonlijke situaties en kan in geen geval gelijkgesteld worden met een juridisch of fiscaal advies noch met een raad over financiële planning.

Gezien de complexiteit van bepaalde verrichtingen en hun implicaties op burgerrechtelijk en fiscaal vlak, raden wij u ten stelligste aan steeds ons persoonlijk  te raadplegen.  

 

Gelieve de hoogte van uw browservenster te vergroten voor een betere website ervaring.