Kortere opzegtermijnen, iedereen wint erbij


30 mei 2018

 Stel: het werk groeit je boven het hoofd en je hebt dringend een medewerk(st)er nodig. Maar je aarzelt. Want wanneer je iemand in dienst neemt, en die blijkt niet te voldoen, dan moet je rekening houden met de wettelijke opzegtermijn, en dat kost een hoop geld. Sinds 1 mei zijn, in het kader van de relancewet, de opzegtermijnen korter. Maar is dat goed voor iedereen?

De nieuwe regeling
Wie een pas aangeworven werknemer, bediende of arbeider, ontslaat moet nu een opzegtermijn van één week in acht nemen – voorheen was dat twee weken. Gedurende de eerste drie maanden blijft de opzegtermijn één week. Omgekeerd moet ook de werknemer een opzegtermijn van één week respecteren tijdens de eerste drie maanden. Wie als werkgever tussen 3 en 6 maanden een werknemer opzegt moet een termijn van drie tot vijf weken respecteren. Voor de werknemer geldt een opzegtermijn van twee weken.
Let op: Voor werknemers die vóór 1 mei hun opzeg gekregen hebben blijven de oude opzegtermijnen geldig.

Werkgevers tevreden?
De werkgevers hebben reden om tevreden te zijn. Flexibiliteit is geen modeverschijnsel maar een must. De nieuwe regeling speelt in op die behoefte. Nu het risico, in geval van een verkeerde keuze kleiner is, kunnen werkgevers eerder mensen aanwerven dan beroep te moeten doen op uitzendkrachten. Ook al beantwoorden de nieuwe aanwinsten niet één op één aan het gestelde profiel of kunnen ze het gewenste diploma niet voorleggen.  

En de werknemers?
Op het eerste zicht lijkt de nieuwe regeling minder gunstig voor de werknemers. Toch zijn het meestal de werknemers die, op een krappe arbeidsmarkt, het initiatief nemen om van job te wisselen. En dan wel zo snel mogelijk. Waar de werkgevers vroeger alleen maar de allerbeste, ervaren krachten durfden in dienst te nemen, krijgen ook jongeren en pas afgestudeerden nu meer kansen. En meer keuze omdat er meer aanbiedingen zijn. 

Job-rotatie is geen dode letter
De tijd dat een werknemer zijn hele carrière bij dezelfde werkgever bleef is definitief voorbij. Als werknemer wil je wat afwisselend werk: job-rotatie binnen het bedrijf is vaak dé oplossing. Ook en vooral bij kmo’s. In de praktijk wordt job-rotatie er al toegepast, gewoon omdat er niet één persoon is voor één job, maar iedereen zo’n beetje alles moet kunnen. Voor een kmo werken kan heel boeiend zijn, niet het minst omdat de werknemers meegroeien met hun bedrijf.
 

Gelieve de hoogte van uw browservenster te vergroten voor een betere website ervaring.