De restschenking


01 juli 2016

Via de restschenking bij een Nederlandse notaris kan u erfbelasting vermijden naar uw kinderen en kleinkinderen toe. Maar bij een overlijden binnen de drie jaar zal u in principe wel twe keer worden belast.

Wat is restschenking?

Bij deze schenking zal er eerst iets aan de begifitigde geschonken. Hierbij kan u zelf bepalen wat er overblijft van de geschonken goederen bij het overleiden van de eerste begunstigde. Deze rest zal dan toekomen aan de tweede begiftigde, die rest van de schenking wordt dus als het ware verschoven naar een volgende begiftigde.

Voorbeeld 

Vader schenkt aan zijn zoon een beleggingsportefeuille van € 1.000.000. In de schenkingsakte bepaalt hij dat wat er bij het overlijden van zijn zoon overblijft van die portefeuille, naar de dochter van die zoon gaat. Op de tweede schenking is er dan geen erfbelasting verschuldigd, maar wel (lagere) schenkbelasting. De kleindochter krijgt die ‘rest’ via een schenkingsakte en niet via het erfrecht. Op die tweede schenking is het schenkingsrecht van toepassing dat gold toen vader de schenking deed. Bij roerende goederen komt dat er vaak op neer dat men dus twee keer 3% schenkbelasting betaalt i.p.v. twee keer in de hoge erfbelasting van 27% of 30% te vallen. 

Nederlandse notaris nog voordeliger!

Deze doorschuifschenking bij een Nederlandse notaris is populair bij de Belgen die hun beleggingen of vastgoedvennootschap twee generaties ver willen schenken. Op deze manier kunnen ze schenken tegen een minimum aan belastingen. Er is namelijk een dubbel voordeel bij deze schenking. In ons voorbeeld moet er geen 3% schenkbelasting betaald worden op de beleggingsportefeuille die aan de zoon geschonken wordt, maar ook de kleindochter zal geen schenkbelasting betalen als die beleggingsportefeuille bij het overlijden van de zoon naar haar doorgeschoven wordt. Dit levert dus een aanzienlijke fiscale besparing op en het is perfect legaal.

Soms twee keer erfbelasting!

Een minpunt aan deze schenking is het feit dat de schenker na de schenking wel nog drie jaar moet blijven leven. Is dat niet het geval, dan is er zowel op de eerste als op de tweede schenking erfbelasting verschuldigd. In ons voorbeeld is de kans dan ook groot dat men bij het overlijden van de schenker binnen de drie jaar, twee keer in het hoogste tarief van de erfbelasting valt.

 

Hoe dubbele erfbelasting vermijden?

Oplossing  1

Indien de schenker in een periode van drie jaar na de schenking ernstig ziek wordt, kan de Nederlandse akte nog steeds geregistreerd worden tegen 3%. Er moet dan 3% schenking betaald worden op zowel de eerste als de tweede schenking.

Oplossing  2

Indien de schenker in een periode van drie jaar na de schenking komt te overlijden, dan kan de akte niet meer worden gerregistreerd. De erfbelasting op de eerste schenking is sowieso verschuldigd. De erfbelasting op de tweede schenking  kan nog worden vermeden. Dit kan op de manier de de eerste begunstigde de ‘rest’ van de schenking opdoet geduurdende zijn leven. Een tweede optie is dat de eerste begiftigde de ‘rest’ van de schenking zelf wegschenkt aan de tweede begiftigde.

 
Gelieve de hoogte van uw browservenster te vergroten voor een betere website ervaring.